I Soliti Quattro

Jaar: 1966 - 1967
Plaats: Heiloo / Italie

Bandleden

Roberto Borsato - piano
Piero Aspria - sax en klarinet
Lino Ferrari - accordeon en gitaar
Arnaldo Galli - drums

Discografie

Viva la Pappa / La Risata /La lunga Strada / La marcia dei Bersaglieri
Media: EP (7" )
Label: Durlaphone TM 651.029
Jaar: 1966

1)Foto I Soliti Quattro
2)Artikel Peter Smit
3)Naschrift George Evers/Peter Smit
4) Alle vier opnamen

 

 

I Soliti Quattro (ook wel: I Soliti 4) voor de Oude Herberg in Heiloo.  V.l.n.r.: Piero Aspria (later naar I Cardinali), Roberto Borsato, Arnaldo Galli (ook later naar I Cardinali) en Lino Ferrari.  


      I Solitti Quattro / I Cardinali/ Cardinal Point:

                                        best betaalde gastarbeiders

 

 

Willem – Big Mouth – Duyn noemde de jongens van Cardinal Point (eerder: I Cardinali) ooit de best betaalde gastarbeiders van Nederland. Menigeen, vooral in de regio Alkmaar en omstreken, koestert nog mooie herinneringen aan de warmbloedige muziek van de Italiaanse groep, die vanaf 1966 z’n geluk zocht – en deels ook vond – in Nederland. En wat had Roberto Borsato, inderdaad: de vader van, daarmee te maken? Mario Previti (toetsen) en Arnaldo Galli (drums) vertellen het verhaal.

 

Een verhaal dat begint in 1965, aan het Italiaanse Gardameer, in die tijd mateloos populair als vakantiedoel van Nederlandse toeristen. Pendelbussen rijden af en aan tussen Nederland en Garda, Bardolino, Cisano of een van de andere plaatsen aan het meer. Cabaretier Henk Elsink heeft zelfs zijn eigen theaterprogramma in die zomer naar het Gardameer verplaatst en amuseert elke avond Nederlandse toeristen in de Cis-bar in Cisano.

Natuurlijk laten die vakantiegangers zich ook vermaken door de talloze Italiaanse orkestjes, die overal in de dancings spelen. Arnaldo Galli is drummer in één van die bandjes wanneer hij in gesprek raakt met Nederlandse toeristen, afkomstig uit Heiloo.

,,Ze zochten een Italiaans orkestje voor hun zaak in Heiloo en ze vroegen of wij daar zin in hadden’’, vertelt Arnaldo (65) in zijn huis in Alkmaar. ,,Piero Aspria en ik wilden wel, maar de andere twee niet. Ik had daar aan het Gardameer pianist Roberto Borsato leren kennen, die had wel zin in het Hollandse avontuur. Hij nam ook Lino Ferrari mee. We werden opgehaald uit Italië en zo kwamen we in de Oude Herberg in Heiloo terecht.’’

Onder de naam I Soliti Quattro ( 'de gewone vier') speelde het kwartet tot maart 1966 in de Oude Herberg. Maar op een gegeven moment wilden de beide Sicilianen Piero en Arnaldo muzikaal gezien een andere kant op dan Roberto en Lino, die uit Verona afkomstig waren.

,,Noorditalianen met Zuiditalianen, dat houdt geen stand’’, weet Mario Previti (65), zelf ook Siciliaan. Hij speelde begin 1966 nog in Italië met zijn orkestje I Cardinali (die naam was te danken aan het Tweede Vaticaanse Oecumenisch Concilie dat in die jaren werd gehouden), toen hij door Arnaldo werd benader of hij zin had om met zijn muzikale maatjes Nino Venuto en Franco Puglisi naar Nederland te komen.

Dat hadden ze wel en zo reisden de drie per trein uit Italië naar Heiloo. ,,Alles was vreemd voor me, ik sprak geen woord Nederlands. Alleen de plaatsnaam Castricum klonk wel bekend’’, herinnert Mario zich. Bovendien is hij blind, een extra handicap in een vreemd land met een vreemde taal.

De drie nieuwkomers nemen de plaatsen in van Lino Ferrari en van Roberto Borsato, die dan al verloofd is met zijn a.s. vrouw Mary. Op 21 december van hetzelfde jaar wordt hun zoon Marco Borsato geboren.

 

OOGOPERATIE

Onder de naam I Cardinali spelen de vijf musici van 25 maart tot eind mei 1966 in de Oude Herberg. Roberto Borsato, die als pianist-zanger solo optreedt, keert gedurende een paar weken terug in de groep als vervanger van Mario, wanneer deze voor een oogoperatie in een Rotterdamse ziekenhuis verblijft.

 

Aanvankelijk zitten de ‘kardinalen’ met z’n vijven op één kamer. Maar aangezien ze elke avond spelen en steeds meer bezoekers naar de Oude Herberg weten te trekken, vinden ze dat ze wel iets meer mogen eisen. Mario: ,,Ik heb gezegd dat we daar weg zouden gaan, als we geen huis voor onszelf zouden krijgen. Dat was toen binnen een dag geregeld. Een mooi huis in Heiloo. En met een prima kok, want Arnaldo kan heel goed koken.’’

,,Tot 31 mei hebben we er elke avond gespeeld. Voor zeshonderd gulden per week, dat was best veel geld. Maar toen ons contract was afgelopen, bood Arie Boekel (in die tijd eigenaar van een aantal cafés en dancings, o.m. in Alkmaar, Schagen en Hoorn) ons honderd gulden meer in de week. Dus speelden we na Heiloo drie maanden in dancing Club Seven in Alkmaar. Vervolgens nog drie maanden in dancing Atlantic in Bergen en daarna konden we op vakantie naar Italië.’’

In de daarop volgende jaren wisselen I Cardinali optredens in Nederland, vooral in de Noordhollandse dancings, af met tournees in Italië. Ze nemen enkele singles op, zonder succes. In Italië ligt dat anders. Italiaanse versie van ‘Lea’ (The Cats) en ‘Little green bag’ (George Baker) doen het daar goed.

In Nederland moet de groep zich aanpassen aan de veranderingen in de dancing-wereld. Maand- en weekcontracten zijn voorbij, onder de naam I Punti Cardinali storten ze zich, net als zoveel andere groepen, in het weekend-circuit.

 

PLATENSUCCES

Dan, in 1972, komt er toch een platensucces. Gitarist Franco Puglisi is eerder al teruggekeerd naar Italië om te studeren, wanneer het overgebleven viertal in contact komt met platenproducer Hans van Hemert. Mario: ,,Hij was enthousiast over ons en stuurde een bandje op met een Spaans liedje, dat ‘Nanana, nanana’ heette. Hans zorgde voor een Engelse tekst en ik maakte de arrangementen.’’ En zo wordt ‘Mama, papa’ in dat jaar – ook in het buitenland - een zomerhit voor de groep, die inmiddels is omgedoopt in Cardinal Point. Er volgen meer singles en een langspeelplaat, maar het succes van ‘Mama, papa’ wordt niet meer geëvenaard.

Twaalf jaar na het begin is voor Cardinal Point/I Cardinali de koek op. Mario:,,We vonden het wel genoeg en wilden andere dingen gaan doen. Zelf kon ik slecht tegen de steeds luidere muziek in de discotheken, zoals dat in die tijd gebruikelijk werd. Ik kocht een hotel in Bergen, Nino nam een Italiaans restaurant in Alkmaar over, Piero en Arnaldo bleven in de muziek bezig.’’

Anno 2008 geeft Mario pianoles in zijn woning in Bergen. Zijn koor, de Mario Singers, opgericht in 1974, bestaat nog steeds. Zijn droom is om met dat koor nog eens de allermooiste hits aller tijden op een cd te zetten. En dan bedoelt hij nummers als ‘Good vibrations’, ‘Heroes and villains’, ‘Bohemian Rhapsody’ en songs van The Beatles.

Een ander project van Mario was in 2005 de rockopera ‘Barcelona’, die hij met een symfonieorkest, de Alkmaarse sopraan Karin ten Cate en de Mario Singers mocht uitvoeren als afsluiting van de Uitmarkt in Amsterdam. ,,Vorig jaar hebben we ‘Barcelona’ zeven dagen lang gespeeld in Rome, dat was geweldig. En eens wil ik ‘Barcelona’ uitvoeren in de zeven Griekse amfitheaters van mijn geboorte-eiland Sicilië.’’

Van de andere oud-kardinalen is Nino Venuto teruggekeerd naar Sicilië, Piero Aspria woont in Heerhugowaard en geeft nog muziekles, Arnaldo Galli heeft vele jaren opgetreden met diverse duo’s, daarna ook nog alleen gespeeld, maar vindt nu dat het wel mooi geweest is. ,,Gezien mijn leeftijd hoef ik niet meer op veel werk te rekenen en bovendien moet ik nog lang revalideren na een operatie aan mijn knie.’’

 

                                                                                          PETER SMIT, januari 2008

     



Naschrift George Evers/Peter Smit
In 1966 werd een z.g. EP ( extended play ) grammofoonplaatje uitgegeven van I Soliti Quattro, waar vier liedjes op stonden. De opnamen werden gemaakt door Ben Levi van het piepkleine platenmaatschappijtje Durlaphone uit Amsterdam, destijds gezeteld aan de Oudezijds Voorburgwal 200, te Amsterdam. In verzamelaarskringen een volledig onbekend gebleven schijfje dat onlangs gevonden werd door Julius Kouwen, een medewerker van de Koppop site.  Op de achterkant van het oorspronkelijke hoesje is veel informatie te vinden over de vier Italiaanse muzikanten. (zie onderstaande vergrotingen van beide hoeskanten )

Eén van die vier is Piero Aspria (64), tegenwoordig uit Heerhugowaard. Hij kan zich het EP'tje nog goed herinneren. ,,Eigenlijk was het een belachelijk plaatje, niet echt om over naar huis te schrijven'', zegt Piero heel toepasselijk. Maar ja, toen de exploitant van De Oude Herberg in Heiloo zijn huisorkest op de plaat wilde hebben, konden de vier muzikale gastarbeiders moeilijk ''nee'' zeggen... ,,En dus gingen wij vier liedjes opnemen in die studio in Amsterdam.''

Waar kwamen die nummers vandaan? ,,'Viva la Pappa' was bekend van zangeres Rita Pavone en werd geschreven door Nino Rota, een heel goede componist. 'La Risata' was een oud Italiaanse liedje dat ik nog kende. 'La Lunga Strada' werd eerder gezongen door Pepino di Capri, die toen ook in Nederland wel bekend was. En 'La Marcia dei Bersaglieri' was een bekend Italiaans fanfarenummer.''

Piero weet niet meer zeker hoeveel plaatjes er indertijd werden geperst. ,,Misschien duizend, ze werden voornamelijk in De Oude Herberg verkocht. We namen het zelf niet echt serieus, het was niet echt onze smaak. We hebben er zelf ook geen geld voor gehad.'' Saxofonist/bassist Piero zegt dat hij het plaatje zelf ook nog wel ergens heeft liggen, maar hij denkt met een beter gevoel terug aan de plaatopnamen van I Cardinali/Cardinal Point: ,,Dat was meer onze smaak en die muziek is ook goed genoeg om nog eens terug te luisteren. Daarom heb ik al onze oude platen overgezet op cd.''  


Vermeldenswaardig is dat in datzelfde jaar 1966 ook de Volendamse Cats hun eerste plaatopnamen maakten voor datzelfde Durlaphone label. Over dit label is  vrijwel geen enkele informatie meer terug te vinden. Op zijn website  www.willemvankooten.nl  maakt ex-DJ Joost den Draaier aan het eind van een verhaaltje over de Amerikaanse zanger Gene Pitney nog een korte opmerking over het label:

Intussen had Gene Pitney in Amerika nog een andere hit gehad:If I Didn’t Have A Dime (to Play the Jukebox),en dat hoorde ik in 1964 een onbekend groepje uit Volendam, the Cats geheten, zingen op een Veronica-auditie in de Soundpush-studio in Blaricum.Als jullie dat gaan opnemen en uitbrengen, ga ik het draaien,zei ik.Het origineel van Gene Pitney, was toch nog steeds niet uit,wist ik. Zo gebeurde het dat de eerste plaat van the Cats uitkwam op een klein labeltje,Durlaphone, (van eigenaar Evan Durlacher,een glimlachende wereldvreemde man die even later in het niets zou verdwijnen) het werd gedraaid door ons op Veronica,en de Cats waren ineens op weg naar eeuwige roem.Dankzij Gene Pitney.Aardig.Dit weet niemand meer.Zelfs de Cats bijna niet,denk ik.Toch is het zo.

Hier onder ook nog een stukje uit een Cats site over het Durlaphone label:

Bij een talentenjacht van Veronica zelfs de eerste. Na afloop kwam DJ Jan van Veen op hen af. Hij stelde ze voor aan twee 'platenmensen', de heren Durlacher en Levy, met het advies heel aardig voor ze te zijn, want ze waren eigenaar van een platenmaatschappij 'Durlacher Audio Visial Productions'. De heren maakten indruk; ze beweerden de Cats binnen een jaar beroemd te zullen maken. 'Durlacher Audio Visual Productions' was gevestigd op de Oudezijds Voorburgwal in Amsterdam. Ben Levy was de zakelijk, Evan Durlacher de artistiek leider van de firma. Durlacher senior was in het pand ooit in de textiel begonnen, maar zijn zoon dreef er nu de studio waar werd opgenomen voor het merk Durlaphone. Toen de Cats zich meldden voor hun eerste plaat opname stonk het hele pand naar zweet van hun voorgangers, een steelband van vijftien personen die uren in de ruimte van drie bij vier meter hadden gezwoegd aan hun debuut, waar nooit meer iets van is vernomen. Onder die benauwde omstandigheden werkten de Cats aan hun eerste single, nauwlettend gadegeslagen door Durlacher junior, die in zijn controlekamer van anderhalf bij tweeënhalf heerste als Phil Spector. De zolder waarop pa ooit zijn voorraden uit Hong Kong en Korea had opgeslagen, diende als echo-kamer. Die was overigens net zo lek als de rest van de studio, waar om het half uur de opnamen moesten worden onderbroken om dc klok van de toren op hct Oudekerksplein te laten luiden. Volkomen ontnuchterd kwamen de Cats thuis. Maar in Volendam stond het werk in de fabrieken stil toen Veronica voor het eerst "Jukebox" uitzond. Veronica zette het nummer genadiglijk op één of andere tiplijst en hoewel de cover van Gene Pitney's song vermoedelijk alleen een succes is geweest op de Volendammer dijk, geldt "Jukebox" als de eerste officiële hit van de Cats; de eerste van een ononderbroken reeks van 35, althans anno 1984.